Rome stond al jaren op mijn lijstje! Van vrijdagavond tot maandagavond dompelden we ons onder in de chaos, schoonheid en geschiedenis van de stad. Met Trastevere als uitvalsbasis liepen we van wereldberoemde bezienswaardigheden naar willekeurige straatjes, van eeuwenoude ruïnes naar een volgende gelato. Te kort om alles te zien, maar precies lang genoeg om te blijven hangen.
De Bocca della Verità is een van die Romeinse bezienswaardigheden die vooral bekend is door het verhaal eromheen. Het ronde marmeren reliëf komt waarschijnlijk uit de Romeinse oudheid en stelt vermoedelijk een riviergod voor. Oorspronkelijk was het waarschijnlijk helemaal geen kunstwerk, maar een putdeksel of onderdeel van een fontein. Pas in de middeleeuwen ontstond de legende dat de mond de hand zou afbijten van iedereen die liegt. Die mythe bleef hangen en groeide uit tot een toeristische attractie.
Het Colosseum werd gebouwd in de eerste eeuw na Christus en bood plaats aan tienduizenden toeschouwers. Hier vonden gladiatorengevechten, jachtpartijen en publieke spektakels plaats. Tegenwoordig is het Colosseum een van de drukste plekken van Rome. Dat maakt het soms lastig om echt even stil te staan bij de geschiedenis. Je ziet vooral wat je al kent van foto’s, maar het blijft bijzonder dat dit bouwwerk er na zoveel eeuwen nog staat.
Het Forum Romanum ligt er direct naast en was ooit het politieke, religieuze en sociale centrum van de stad. Hier stonden tempels, markten en overheidsgebouwen. Nu loop je tussen ruïnes die niet altijd meteen spreken, maar samen een goed beeld geven van hoe het oude Rome was opgebouwd.
De Trevifontein vormt het eindpunt van het Aqua Virgo-aquaduct, dat al in 19 voor Christus werd aangelegd. Dat aquaduct brengt nog steeds water naar de fontein, een detail dat vaak over het hoofd wordt gezien. De fontein zelf werd pas in de 18e eeuw voltooid en is ontworpen in barokstijl, met grote beelden en veel beweging. Het centrale beeld stelt Oceanus voor, omringd door rotsen en nissen die symbool staan voor orde en chaos. De traditie om een muntje over je schouder te gooien is inmiddels wereldberoemd. Dagelijks worden de munten ingezameld en aan goede doelen geschonken.
Vaticaanstad is een aparte staat binnen Rome en het centrum van de Rooms-Katholieke Kerk. Het Sint-Pietersplein is ontworpen om groots te zijn, met zuilengalerijen die letterlijk de massa moeten omarmen. De Sint-Pietersbasiliek werd gebouwd op de plek waar volgens de overlevering de apostel Petrus begraven ligt. De kerk is enorm, rijk gedecoreerd en vol kunstwerken. Alles is bedoeld om indruk te maken en de macht en invloed van de kerk te tonen.
Hoewel het indrukwekkend is om te zien, voelt het anders dan de rest van Rome: formeler, georganiseerder en minder spontaan. Het is een plek die je bezoekt om te begrijpen hoe belangrijk deze locatie is geweest, niet per se om lang te blijven hangen.
De Spaanse Trappen werden gebouwd in de 18e eeuw en verbinden het plein Piazza di Spagna met de Franse kerk Trinità dei Monti bovenaan. De naam is een beetje verwarrend: de trappen zijn betaald door Frankrijk, maar danken hun naam aan de Spaanse ambassade die zich aan het plein beneden bevond. Een mooi voorbeeld van hoe Europese geschiedenis in Rome samenkomt.
De trappen bestaan uit 135 treden en waren oorspronkelijk bedoeld als een statige doorgang tussen kerk en stad. Tegenwoordig zijn ze vooral een ontmoetingsplek. Mensen zitten, lopen, praten, kijken en maken foto’s. Het is geen bezienswaardigheid waar je lang blijft stilstaan, maar wel een plek die goed laat zien hoe levendig Rome is.
Het Monumento a Vittorio Emanuele II, ook wel het Vittoriano genoemd, werd gebouwd ter ere van de eerste koning van Italië en staat symbool voor de eenwording van het land in de 19e eeuw. Het monument is opvallend groot en wit en vormt een duidelijk contrast met de oudere ruïnes in de omgeving. Helaas stond het monument tijdens ons bezoek grotendeels in de hekken, waardoor we het vooral van een afstand konden bekijken. Toch blijft het interessant om dit monument te zien, al is het maar om te beseffen dat Rome niet alleen bestaat uit oudheid en barok, maar ook uit een relatief modern hoofdstuk in de Italiaanse geschiedenis.
De wijk Trastevere was zonder twijfel een van de hoogtepunten van onze trip. Waar het centrum van Rome vaak druk en toeristisch aanvoelt, is Trastevere juist levendig op een ontspannen manier. Smalle straatjes, volle terrassen, locals en reizigers door elkaar; hier gebeurt het gewoon.
Historisch gezien was Trastevere een arbeiderswijk, gescheiden van de rest van de stad door de Tiber. Die eigen identiteit voel je nog steeds. Overdag is het rustig en charmant, ’s avonds komt de wijk echt tot leven. Restaurants zitten vol, mensen staan buiten te praten en de sfeer is gezellig zonder gehaast te zijn. Voor ons was dit de plek waar Rome het meest klopte. Geen checklist, geen grote bezienswaardigheden, maar gewoon goed eten, rondslenteren en genieten van de sfeer. Als we één wijk zouden aanraden om te verblijven of ’s avonds naartoe te gaan, dan is het Trastevere!
De Italiaanse keuken blijft toch wel een grote favoriet. En eerlijk is eerlijk: als je eenmaal pizza’s in Italië hebt gegeten, wil je eigenlijk nooit meer anders. Onze favoriete hotspots dit hele weekend waren: